Koopkracht ouderen daalt met 6,1%

De koopkrachtdaling van ouderen blijkt veel hoger te zijn dan de 1,5% waarvan tot nu toe werd uitgegaan. In sommige gevallen gaat het zelf om een koopkrachtdaling van 6,1%. Dit is de uitkomst vanĀ de koopkrachtberekeningen die het Nibud in opdracht van de CSO, de koepel van de ouderenorganisaties Unie KBO, PCOB, NVOG en NOOM, heeft uitgevoerd.

poster-mn2014-588

De Nibudberekeningen laten zien dat ouderen met een hoog aanvullend pensioen en ouderen die veel zorgkosten hebben er veel meer op achteruit gaan dan het gemiddelde van 1,5%, zoals opgenomen in de begroting van SZW.

Ouderen met laag inkomen meest achteruit
In de groep ouderen met hoge zorgkosten varieert de koopkrachtdaling van 1,8% tot 6,1%. Binnen deze groep gaan ouderen met een laag inkomen er het meest op achteruit. Een alleenstaande AOW-gerechtigde met hoge zorgkosten en een klein aanvullend pensioen van 5000 euro heeft in 2014 6,1% minder te besteden, wat neerkomt op bijna 100 euro per maand. De forse koopkrachtdaling van deze ouderen wordt onder andere veroorzaakt doordat verschillende compensatiemaatregelen voor zorgkosten afgeschaft worden. Het is de bedoeling dat gemeentes deze inkomensvoorzieningen gaan uitvoeren. Helaas wordt er fors op het totale budget bezuinigd en krijgen de gemeentes veel minder geld om deze taak over te nemen. Bovendien wordt het budget dat de gemeentes krijgen niet geoormerkt, zodat het geld ook aan andere zaken uitgegeven kan worden.In de groep ouderen die geen of nauwelijks zorgkosten hebben zijn het de ouderen met een hoger aanvullend pensioen die er het meest op achteruit gaan. Bij deze ouderen loopt de koopkrachtdaling op tot 2,6%. De koopkrachtdaling van ouderen met een aanvullend pensioen wordt onder andere veroorzaakt door belastingmaatregelen en de korting op de pensioenen. In de berekeningen wordt slechts rekening gehouden met een gemiddelde korting van 0,75% terwijl veel gepensioneerden ook komend jaar hoogstwaarschijnlijk weer geconfronteerd zullen worden met een hogere korting op hun pensioen.

Geen compensatie meer
Veel gemeentes overwegen om de kosten van zorg te compenseren via de individuele bijzondere bijstand. In dat geval zullen veel ouderen, die nu nog in aanmerking komen voor de huidige regelingen, niet meer gecompenseerd worden. Men komt namelijk pas in aanmerking voor bijzondere bijstand met een inkomen op minimumniveau. Ook wordt rekening gehouden met het vermogen en de inkomsten van een partner. Deze voorwaarden gelden niet voor de huidige regelingen. Een oudere met AOW en een klein aanvullend pensioen of een oudere met wat spaargeld krijgt dan geen compensatie meer voor zorgkosten. Dit leidt tot een forse koopkrachtdaling voor deze groep ouderen.

Stapeling zorgkosten
Veel ouderen zijn grootgebruikers van zorg. Zij worden geconfronteerd met een stapeling van zorgkosten die als gevolg van de kabinetsplannen in de toekomst niet of nauwelijks meer gecompenseerd zullen worden. De eerdere toezegging van minister Asscher aan de ouderenorganisaties, om de koopkrachtdaling van ouderen in 2013 te compenseren in de begroting voor 2014, blijkt niets waard te zijn. De CSO is daarom erg teleurgesteld en zal er bij de Tweede Kamerleden op aandringen om, tijdens de behandeling van de begroting 2014, de minister te verzoeken alsnog de compensatie te realiseren.

Download hier de koopkrachtberekeningen van het NIBUD.